Opleiden PA’s voor huisartsenzorg verloopt moeizaam

/ Arbeidsmarkt

Physician assistants kunnen een belangrijke rol spelen in het terugdringen van het huisartsentekort. Toch verloopt het opleiden van PA’s niet zonder slag of stoot. Vooral de bekostiging van opleidingsplekken lijkt een ­obstakel. Een huisarts en een physician assistant vertellen over de samenwerking.

tekst Sophie Benoy-De Keuster
beeld Getty Images

PDF van dit artikel

Het huisartsentekort is een nijpend probleem in Nederland. In december 2020 besloot het ministerie van VWS, na druk vanuit de Tweede Kamer, om jaarlijks twintig huisartsen meer op te leiden. Desondanks zal de uitbreiding van het aantal opleidingsplaatsen het huisartsentekort niet oplossen, omdat het aantal opleidingsplaatsen alleen niet bepalend is. Het Capaciteitsorgaan constateert in het Capaciteitsplan 2021-2024 dat de meeste afgestudeerden blijven werken in of rond de opleidingsplaats, waardoor er tekorten ontstaan in regio’s zonder huisartsenopleiding. Verder willen huisartsen vaker parttime werken en is er minder animo om een eigen praktijk te runnen. Om toekomstbestendige huisartsenzorg te organiseren zijn daarom naast voldoende huisartsen ook physician assistants en verpleegkundig specialisten nodig, aldus het Capaciteitsorgaan.

De instroom van PA’s in de huisartsenzorg is toegenomen van
12 in 2012 naar 43 in 2019. In 2019 waren er in totaal al 164 PA’s werkzaam in de huisartsengeneeskunde. Maar in de praktijk lijken er toch nog wat drempels te bestaan voor PA’s in de huisartsenzorg.

Klik

Quinten van den Driesschen (59) is physician assistant huisartsgeneeskunde van het eerste uur en werkt nu vijftien jaar in huisartsenpraktijk De Zwaluw in Elst (GD). Toen Van den Driesschen begon in de huisartsgeneeskunde was er weinig bekendheid bij huisartsen over de mogelijkheden van taak­herschikking. Inmiddels is dat verbeterd. ‘Dat is mede te danken aan het werk van de vakgroep huisartsenzorg (PA HA) van NAPA. Door veel voor te lichten, het land in te trekken en best practices te tonen is er een verschuiving ontstaan. Dat de Landelijke Huisartsen Vereniging in de loop der jaren positiever is geworden over de PA, heeft ook geholpen.’

Een goede relatie tussen student en opleider is volgens
Van den Driesschen de sleutel tot succes. ‘Er moet een klik zijn met de huisarts waarmee je samenwerkt. Je werkt toch vaak in een een-op-een situatie; als er dan geen goede band is, dan
wordt het lastig.’

Doordat de studenten PA’s op verschillende competentieniveaus instromen en hun leercurve dus verschilt in combinatie met de veelzijdigheid en de breedte van het vak, maakt dat de leercurve bij elke PA anders verloopt, constateert Van den Driesschen. ‘Voor de opleider is het soms lastig inschatten wat hij kan verwachten van de student.’ Het is dan een voordeel als de huisarts ervaring heeft. ‘Je merkt dat huisartsen die het gewend zijn om op te leiden het opleiden van een PA ook leuk vinden en minder problemen tegenkomen.’

Nog betere positionering van de PA HA is volgens Van den Driesschen onder meer te realisern door betere regionale samenwerking en het organiseren van intervisiemomenten. ‘Ook zou het goed zijn als er meer terugkomdagen zouden zijn voor de opleiders van PA HA, omdat zij tegen specifieke problemen aanlopen die niet gelden voor andere huisartsenopleiders.’Hij ziet geen meerwaarde in een aparte opleiding tot PA huisartsgeneeskunde. ‘De opleiding is nu al generalistisch en gericht op huisartsengeneeskunde. Juist de kruisbestuiving
met student PA’s uit de tweede en derde lijn maakt dat je veelzijdig opleidt.’

‘Vaak denk ik: waar ben ik aan begonnen?’

Tijdsinvestering

Huisarts Esther Davids van huisartspraktijk De Beuk in Boxmeer leidt sinds september vorig jaar een PA op. Zij had goede redenen om die stap te zetten. ‘We kampen met een personeelstekort, en toen ik hoorde over deze functie en een goede klik had met een verpleegkundige die de opleiding wilde doen, was ik overtuigd.’ Haar enthousiasme werd wat getemperd toen de financiële kant van de zaak om de hoek kwam kijken. De kosten voor een huisarts kunnen namelijk behoorlijk hoog zijn. Dat heeft vooral te maken met het feit dat de student PA gedurende de opleiding in loondienst gaat bij de huisarts of huisartsenpost, waarvoor de huisarts via een subsidieregeling een tegemoetkoming ontvangt. De salariscompensatie voor de opleider bedraagt echter ‘slechts’ 22.500 euro per jaar en dekt daarmee hooguit zo’n 40 procent van het brutosalaris van de student PA.

Davids: ‘De PA moet vier dagen betaald worden, maar is door school en stages maar weinig uren beschikbaar voor de praktijk. Het is een enorme tijdsinvestering, met voor mij als kleine werkgever een enorm risico. Ik ben ongeveer een halve dag per week volledig bezig met opleiden, tijd die ergens gecompenseerd moet worden. We hebben wel een afspraak dat bij mis­lukken, eerder stoppen of vertrek er een regeling is voor terugbetaling van de opleidingskosten, maar dat is een schijntje van de totale kosten. Vaak denk ik: waar ben ik aan begonnen?’

Op=op

Om aan het tekort aan salariscompensatie tegemoet te komen is een tijdelijke stimuleringsfinanciering voor de huisartsen ontwikkeld die door de Stichting Kwaliteit en Ontwikkeling Huisartsenzorg wordt uitgereikt. Het extra beschikbaar gestelde bedrag wordt sinds 2019 verdeeld over alle huisartsen die daar aanspraak op doen om een PA of VS op te leiden. Maar volgens Van den Driesschen worden de kosten ook met deze stimuleringsregeling niet geheel gedekt. ‘Er geldt het principe op=op, omdat het geld over alle aanvragers wordt verdeeld. Hoe meer huisartsen er beroep op doen, hoe kleiner het bedrag dat elke huisarts krijgt. De praktijk leert dat het beschikbare bedrag
– ongeveer 30.000 euro per op te leiden PA voor periode van 2,5 jaar – nog steeds onvoldoende is.’

Ondanks de financiële perikelen heeft huisarts Davids geen spijt van haar besluit om een PA op te leiden. ‘Gelukkig krijg ik veel steun vanuit de hogeschool. Het vertrouwen dat het goed komt, is er zeker. Ik ben ervan overtuigd dat de PA in de huisartsen­praktijk op termijn zal zorgen voor meer continuïteit.’ •

contact

S.Benoy@mmc.nl


Extra subsidie voor ­huis­artsen in Twente

Dat de bekostiging van opleidingsplaatsen voor PA’s een probleem vormt voor huisartsen, werd ook gesignaleerd door Menzis. De zorgverzekeraar sprong vorig jaar in de regio Twente bij met een tijdelijke aanvullende bekostiging, zodat de PA’s opgeleid zouden worden voor de huisartsenzorg. Gedurende de projecttijd (van 15 mei 2020 tot 1 juli 2021) kunnen Twentse huisartsenpraktijken een aanvullende financiering aanvragen. Het gaat om een bedrag van maximaal 22.500 euro in de eerste twee jaar, en maximaal 11.250 euro in het laatste halfjaar van de opleiding tot PA. Voorwaarde is dat de aan­vrager aantoonbaar en substantieel gaat bijdragen aan beheersing van het huisartsentekort in zijn of haar ­verzorgingsgebied.Eric Veldboer, regiomanager zorg­inkoop eerste lijn in Twente, legt uit waarom Menzis het geld beschikbaar stelt. ‘Niet alle verzekerden in de regio Twente hebben toegang tot huisartsenzorg wegens het toenemend tekort aan huisartsen. Wij vinden huisartsenzorg een nutsvoorziening, daar willen we dus wat aan doen.’Voor de PA-opleiding moeten studenten vanuit regio Twente naar Utrecht, Nijmegen of zelfs Groningen. Dat kan een drempel zijn, maar tot nog toe zijn er voldoende kandidaten. Komende zomer maakt Menzis de balans op van het project. ‘Vooral de vraag of de extra inzet van PA’s leidt tot betere continuïteit van de huisartsenzorg is voor ons van belang.’ Hoe de conclusie ook luidt, Menzis zal blijven ijveren voor taakherschikking in de huisartsenzorg, benadrukt Veldboer. ‘Laatst hebben we nog met een brief aan het ministerie van VWS aandacht gevraagd voor het aantal opleidingsplaatsen voor PA’s en VS’en en voor een dekkende financiering van de opleiding en de inwerkperiode.’

Lintmodule

In een samenwerking tussen de vijf hogescholen waar de MPA-opleiding wordt aangeboden, is de Lintmodule ontwikkeld. Alle PA’s die worden opgeleid in de huisartsenzorg volgen dit pro­gramma. De module bestaat uit vijf thema’s van elk twee dagen die steeds door een andere hogeschool worden voorbereid en georganiseerd. Dit programma bereidt studenten nog beter voor op de verschillende competenties die nodig zijn om te werken in de huisartspraktijk.Onderwerpen die aan bod komen, zijn onder andere: epidemiologie, kindergeneeskunde en levenseinde. Dit jaar nemen zo’n vijftig studenten deel, de module scoort een gemiddelde van 8,1 op tevredenheid.

Uw reactie

Velden voorzien van een * zijn verplicht

Nieuwsbrief

Mis niets meer en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen binnen de NAPA.

Contact opnemen?