PA in de psychiatrie

tekst Milena Babovic
beeld Marcel Krijgsman
Herma Klandermans (60) werkt als physician assistant (PA) bij de GGZ Oost Brabant en Sander Dekkers (45) als PA psychiatrie in het Radboudumc. Sander stuurde Herma een bericht bij de start van zijn PA-opleiding, toen hij hoorde dat er nog een PA in de ggz werd opgeleid. Dat was het begin van een mooie vriendschap. Herma en Sander werken op dit moment als gastdocent bij de Uitschrijven Hogeschool Arnhem en Nijmegen (HAN). Ze leveren een bijdrage aan het onderwijsblok psychiatrie binnen de opleiding, ze begeleiden studenten met de casussen en zijn bij de eind­gesprekken aanwezig.
Met de NAPA-vakgroep psychiatrie willen zij de meerwaarde van de PA op dit terrein laten zien. Zeker nu de regels voor bekostiging en regiebehandelaarschap zijn gewijzigd en de PA formeel een positie heeft in de ggz.

‘PA opleiding leek mij een interessante vervolgstap in mijn loopbaan’

Kans gegrepen
Sander vertelt dat hij eigenlijk heel toevallig in de psychiatrie is gaan werken. Na zijn hbo-v-studie is hij naar Engeland vertrokken en heeft daar in snijdende vakgebieden gewerkt. Na zijn terugkeer in Nederland in 2007 was het lastig om aan de slag te gaan als verpleegkundige. Er was een tijdelijke vacature op de paaz in het Radboud en in eerste instantie dacht hij dat dit niets voor hem was. Sander: ‘Ik ben van nature te chaotisch en heb structuur nodig om zorg te kunnen leveren, psychiatrie leek mij daarom niets voor mij.’ Maar eenmaal op de paaz was hij op zijn plek. ‘Ik verloor mijn hart aan patiënten in geestelijke nood. Het vraagt veel van je creativiteit om iemand geestelijk bij te staan.’ Na een tijd miste ik de somatische kant van het vak en kondigde ik mijn vertrek aan. ‘Toen kwam mijn werkgever met een nieuw plan om de paaz om te gooien en een medisch-psychiatrische unit op te zetten. Er kwam een vacature vrij voor een PA. Een kans die ik meteen heb aangegrepen.’ In 2012 startte Sander met de opleiding aan de HAN.
Herma’s weg om PA in de ggz te worden liep heel anders. Zij is begonnen als diëtiste, maar kon in de jaren tachtig als jong afgestudeerde diëtiste geen baan vinden. Herma koos voor een zogenaamde inserviceopleiding tot verpleegkundige en uit nieuwsgierigheid werd ze in de ggz opgeleid. Herma: ‘Nadat ik klaar was met de opleiding ben ik als verpleegkundige gaan werken in een kliniek op een opnameafdeling.’ Na een vervolgopleiding tot sociaalpsychiatrisch verpleegkundige en acht jaar in het buitenland op de meest afgelegen plekken te hebben gewerkt, begon Herma aan haar PA-opleiding. ‘Ik was begin 50 en mijn leidinggevende kende de PA-opleiding en vroeg mij om deze opleiding te gaan doen. Dat leek mij een interes­sante vervolgstap in mijn loopbaan.’

‘Voor de meeste psychiaters is dit helaas nog een onbekend beroep’

Judoën en schaken
Sander: ‘Het mooie aan mijn baan is dat psychiatrie en somatiek de gouden combi voor mij is. Ik zie nu mensen met somatische comorbiditeit, zoals parkinsonpatiënten met psychotische ­klachten, zwangeren met psychoses, enzovoort. Mijn focus ligt nu bij mensen met chronische pijn en gebruik van opiaten. Deze patiënten ervaren als gevolg van dat gebruik meer pijn en hebben meer psychiatrische klachten. Ik werk samen met professor doctor Schellekens (hoogleraar verslaving en psychiatrie, red.) om mensen te helpen van hun verslaving af te komen. Ik zie mensen eerst poliklinisch, doe de intake en bespreek een plan van aanpak met professor Schellekens. We besluiten vervolgens of we iemand gaan opnemen en daarna begeleid ik deze cliënten. De succesrate is best hoog, dat komt door de continuïteit die wij bieden, de werkwijze van het afbouwen van middelen en de follow-up na zes maanden.’ De meeste cliënten van Sander kampen met een persoonlijkheidsstoornis. Sander: ‘Je moet daarmee overweg kunnen. Als je haast hebt, dan kom je snel in conflictsituaties. Je moet er tijd voor nemen en een beetje mee kunnen spelen. Het is judoën en schaken tegelijkertijd.’
Herma doet sinds vijf jaar ambulant werk bij GGZ Oost Brabant. Deze functie bestaat uit drie dagen per week ouderenpsychiatrie en een dag werkt ze met volwassenen met ernstige psychische aandoeningen die daardoor langdurig uitvallen. Bij de ouderen is vaak sprake van comorbiditeit en cognitieve stoornissen. ‘Ik doe de intakes en poliafspraken. Vaak gebruiken cliënten complexe medicatie. Ik neem dat door, verricht lichamelijk onderzoek, bekijk de labwaarden en bespreek eventuele bijwerkingen. Het is vaak gepuzzel. Als er bijzonderheden zijn, bespreek ik met de psychiater wat er anders kan.’ Herma ontlast de psychiater op deze manier en kan een groot deel van haar werk zelfstandig doen. ‘Ik hoor vaak terug van de psychiater dat hij het prettig vindt dat ik breed medisch ben opgeleid en hij taken aan mij kan overdragen.’
Eén dag per week werkt Herma met volwassen patiënten met ­ernstige aandoeningen als schizofrenie, bipolaire stoornissen, enzovoort. ‘Elk jaar screen ik ze op onder andere diabetes en hypertensie, luister naar de longen en bekijk hun medicatie en bijwerkingen.’ Herma doet ook de crisisdienst: ‘Ik doe als PA de voorwacht, de verpleegkundig specialisten (VS’en) zijn de tussenwacht vanwege hun eerder verworven positie als regie­behandelaar, en de psychiater is de achterwacht.’

‘Het zou goed zijn om PA-taken in de psychiatrie in kaart te brengen’

Tot 2022 konden Sander en Herma hun activiteiten onder de noemer ‘overig’ registreren, omdat de PA geen eigenstandige betaaltitel had in het oude dbc-systeem. Vanaf dit jaar registreren zij hun activiteiten onder ‘physician assistant’. Dit is een belangrijke eerste stap om zichtbaar te maken wat een PA in de ggz bijdraagt. PA’s werkzaam in de medisch-specialistische zorg kunnen al sinds 2015 een eigen dbc registreren. Sander: ‘Er is gewoon een gat in de markt dat nog niet iedereen ziet. Het is aan ons om daar beweging in te creëren. Er zijn jaarlijks 250 gesubsidieerde opleidingsplekken voor PA’s. Ik hoop dat er ieder jaar een aantal PA’s in de ggz opgeleid gaan worden en dat instellingen ze goed positioneren. De investering betaalt zich uiteindelijk vanzelf terug.’

Helaas nog onbekend
Herma heeft de wijzigingen in het landelijke Kwaliteitsstatuut ggz en het zorgprestatiemodel intern besproken met haar leidinggevende. Medio dit jaar verwacht zij meer helderheid over de positionering van de PA binnen de instelling en hoopt op vergelijkbare positionering als collega-VS’en. ‘Er wordt jaarlijks een vast aantal VS’en opgeleid en het zou goed zijn om in kaart te brengen voor welke taken er in de toekomst PA’s opgeleid ­kunnen worden.’ Sander gaat hetzelfde gesprek bij hem ook aan. Er is nog veel winst te behalen door PA’s op te leiden voor medische taken, zodat de psychiater zich meer op complexe taken kan richten. Sander vindt de breedte van de PA-opleiding zeer geschikt voor dit vakgebied, waarbij je als PA veel zelfstandig kunt afhandelen en je indien nodig altijd kunt sparren met de regiebehandelaar. Sander: ‘Ik zie graag meer PA’s opgeleid worden en zou daar als ervaren PA een rol in de opleiding kunnen spelen, net als nu bij de opleiding van aiossen. Volgens mij is er ook draagvlak onder psychiaters die PA’s kennen om meer PA’s op te leiden. Maar voor het overgrote deel van de psychiaters is dit helaas nog een onbekend beroep. Als we dit landelijk breder willen uitrollen, dan zou het helpen als we samenwerkingsafspraken zouden maken met de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) en de Nederlandse ggz. Daar willen wij ons als NAPA-vakgroep op richten.’ •


ZORGPRESTATIEMODEL
Tot 2022 konden PA’s in de ggz niet op eigen titel tijdschrijven in een dbc. Hierdoor was hun inzet niet trans­parant en leidde deze niet af naar (de hoogte van) de dbc, waardoor werkgevers geen kostendekkend ­tarief ontvingen voor hun inzet. Per 2022 is er in de ggz een nieuwe bekostiging ingevoerd, genaamd het Zorgprestatiemodel GGZ &FZ. Hierin is de PA opgenomen als een beroep dat wel zelf consulten mag registreren. Hierdoor wordt de PA wel zichtbaar en is er een meer passende vergoeding voor de inzet van de PA in de ggz.

LANDELIJK KWALITEITSSTATUUT GGZ
Per januari 2022 geldt ook de herziene versie van het Landelijk Kwaliteits­statuut GGZ. Het Kwaliteitsstatuut schrijft per zorgsituatie voor welke ­zorgprofessional regiebehandelaar mag zijn. Hierbij is de zorgsituatie op basis van complexiteit en het zorgaanbod uitgedrukt in vier categorieën: A tot en met D. Beroepen die onder artikel 3 van de Wet BIG vallen, waaronder de PA, kunnen de rol als ­indicerende en coördinerende regiebehandelaar vervullen voor zoge­heten laagcomplexe zorgsituaties.
De herziene versie is nog niet geïmplementeerd, omdat veel veldpartijen hier nog vragen over hadden. Er is een tijdelijke regeling bedacht waarbij de PA tijdelijk een andere regierol dan beschreven in het LKS mag vervullen. NAPA pleit voor implementatie van de regierol zoals beschreven in het vastgestelde LKS. Zie hiervoor:

Nieuwsbrief

Mis niets meer en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen binnen de NAPA.

Contact opnemen?